Daniël Mühlhaus (1907-1981)

De Boompjes te Rotterdam

✓ verkocht
Techniek:
olieverf/doek
Gesigneerd:
Rechtsonder: D Muhlhaus
Afm. zonder lijst:
58,5x88,5 cm
Afm. met lijst:
80x110 cm
Lijst:
originele lijst
Jaar:
periode 1930-1940
Artikel nr.:
C 38

Een bijzonder fraai schilderij van de bedrijvigheid in de Rotterdamse haven bij De Boompjes. Mooie vlakverdeling met rechts en links paarden en tussendoor een doorkijk naar machtige stoomschepen. De plas water geeft de voorgrond een extra accent. 
In de 17e eeuw werd tussen de Leuvehaven en de Oude Haven een wandelpromenade aangelegd, waarop een dubbele rij lindebomen werd geplaatst. Aflopend naar het water werden wilgen geplant. De komst van dit weelderige groen zorgde er al snel voor dat de Rotterdammers de wal 'De Boompjes' noemden. In 1811, tijdens de Franse bezetting, werd De Boompjes omgedoopt in Quai Napoléon of Napoleons Kaay. De recreatieve functie bleef tot in de 19e eeuw. Na 1878 met de aanleg van de Willemsbrug ging de verkeersfunctie overheersen. In de meidagen van 1940 lag De Boompjes in de frontlinie, wat tot veel schade leidde. Het bombardement op Rotterdam verwoestte het overgrote deel van de bebouwing.

Biografie Daniël Mühlhaus

De schilder en aquarellist Daniël Mühlhaus (volgens het bevolkingsregister: Muehlhaus) werd 21 februari 1907 geboren in Dordrecht, waar hij ook overleed, op 28 februari 1981. Hij vormde zich zelf als kunstschilder en schilderde, aquarelleerde en tekende veel havengezichten, maar ook stadsgezichten, landschappen, stillevens, portretten en naakten. Hij was lid van de kunstenaarsverenigingen Pictura te Dordrecht en St. Lucas te Amsterdam en wordt gerekend tot de kring Dordtse impressionisten. Mühlhaus werkte veel samen met de schilder Cor Noltee, die ook veel havens op het schildersdoek vastlegde. De jaren 1940-1960 worden vanuit artistiek oogpunt gezien als zijn beste tijd. ‘’In zijn rijpe tijd toont Mühlhaus een geheel eigen licht, kleurgebruik en penseelvoering’’, aldus een journalist in die dagen. 

Scheen 1969/70 (deel II), p. 79
Jacobs 1993, deel L-Z, p. 140